Ds. C. Bos, Levend Geloven, Dietrich Bonhoeffers disciplina arcani als leef- en leesregel

D

Ds. C. Bos, Levend Geloven, Dietrich Bonhoeffers disciplina arcani als leef- en leesregel,

Utrecht: Boekencentrum 2017 – notitie voor website van de uitgever

Het boek van ds. C. Bos over de disciplina arcani bij Bonhoeffer biedt een weergave van de gedachten en suggesties van Bonhoeffer op zulk een wijze, dat een breed publiek er kennis van kan nemen en een weergave die bovendien, geheel in Bonhoeffers geest, leidt tot praktische aanwijzingen en suggesties voor de beoefening van de praxis pietatis (de praktijk van de eerbied die God toekomt).

Ik heb feitelijk maar één vraagteken in de kantlijn gezet. Dat was op pag. 27, waar staat: ‘De gemeente moet leren om in de weg van het kinderlijk geloof, dus door “af te zien van innerlijke redelijkheid” (…) een weg terug te zoeken tot God’, en: ‘Bonhoeffers uitgangspunt is: we leven door kinderlijke afhankelijkheid in deze wereld, dat erkennen wij voor God.’ Ik kon mij dat zo niet herinneren, en heb daarom Bonhoeffers brief uit de gevangenis aan Eberhard Bethge van 16 juli 1944 nog eens opgezocht. Ik lees daar toch iets anders. Bonhoeffer stelt vast dat de angstige vraag waar er in deze wereld nog ruimte is voor God kan leiden tot een veroordelen van de moderne tijd, tot het maken van een salto mortale terug in de middeleeuwen. Zulk een stap wordt dan gezet uit vertwijfeling, zegt hij vervolgens, en kan alleen worden gezet door de redelijkheid te offeren. Maar, vervolgt hij, zulk een weg ‘terug in het kinderland’ (waarvan het bekende lied van Klaus Groth spreekt) is er niet. In geen geval is zo’n weg te vinden door, via een sacrificium intellectus (een opofferen van het verstand), van alle redelijkheid af te zien. Welbeschouwd is de enige mogelijkheid de weg van de boete te gaan, en die weg van boete is, als je het goed opvat, een láátste vorm van redelijkheid (dát staat volgens Bonhoeffer in Mattheüs 18:3 te lezen). Ik versta dat aldus: de enige mogelijkheid bestaat in een appel tot omkeer, dat altijd een redelijke grond heeft; en die omkeer is een omkeer die bij uitstek de vorm aanneemt van een toewending tot de wereld. We kunnen dus alleen redelijk blijven door te erkennen dat we (niet uit de wereld moeten vluchten, maar juist) in de wereld moeten blijven.

Alleen door de tekst zo te lezen, zo komt het mij voor, vallen de daarop volgende uitspraken – die Bos goed weergeeft – over het etsi Deus non daretur (‘leven alsof er geen God zou bestaan’) en over Gods verlaten van ons (Marcus 15:34) als de weg waarop God juist God met ons is, te verstaan.

Rinse Reeling Brouwer

About the author

R.H. Reeling Brouwer

Plaats een reactie